Bij ons op werk is een bepaald thema een telkens terugkerend onderwerp van gesprek: werktijden. Niet zozeer binnen het ondersteuningsteam zelf, want wij maken onze uren wel. Nee, het gaat om medewerkers van de afdelingen.
De werktijden van de dagdienst zijn van 07.00 tot 15.30 uur. De avonddiensten doen hun ding van 14.30 tot 23.00 uur. Klinkt allemaal heel erg logisch, maar de praktijk is weerbarstiger. Later komen en eerder weg, het is schering en inslag. Veelal bij flex-medewerkers, maar ook sommige vaste medewerkers zijn niet vies van wat sjoemelen met werktijen.
Pittig gesprek
Onlangs werd voor een nieuwe medewerkster een uitzondering gemaakt. Man-lief draait nachtdiensten en zij heeft de auto ook nodig. Nou vooruit, bij hoge uitzondering mag zij om 07.30 uur starten. Drie dagen geleden gestart en wat blijkt? Tegelijk met haar collega-dagdienst loopt zij om 15.30 uur heel vrolijk de deur uit. Ehhmm…. Je werk dus elke dag een half uur tekort, en dát was niet de bedoeling, zoals vooraf besproken. Wat maakt nu dat iemand, ondanks vooraf gemaakte afspraken, toch te vroeg het werk neerlegt? Het leverde een pittig gesprek op. En de proeftijd is gewillig, zullen we maar zeggen.
Randstad-dingetje
Maar hoe komen mensen erbij om zo ‘flexibel’ om te gaan met werktijden? Desinteresse, maling aan werktijden, een ‘ik trek mijn eigen plan’-houding of eentje van ‘je mag blij zijn dat ik er überhaupt ben? Wie het weet mag het zeggen. Wat bij allen eigenlijk wel een beetje hetzelfde is, is de grote mond die je krijgt als je er iets van zegt. Vervolgens accepteren we die grote mond en nemen we er weer afstand van, gevuld met frustratie. Dat dan weer wel. Wellicht is het een Randstad-dingetje, maar dan nog. Als betaald wordt voor acht werkuren per dag, dien je ook aan de bak te zijn gedurende acht werkuren. Dat is geen hogere wiskunde, toch?
Geen consequenties
We laten het dus zelf gebeuren. Er staat niets tegenover dit gedrag. Geen consequenties, hooguit aanpassing van uren en een paar tientjes minder bij de afrekening. Daar halen de meesten overigens hun schouders voor op. En ik weet het, in tijdens van schaarste moet je voorzichtig zijn. Maar voorzichtig zijn is iets anders dan alles maar tolereren. Dat moeten we wel in onze oren blijven knopen!